Nieuws uit de praktijk

Röntgenfoto’s

Wij maken in onze dagelijkse bezigheden veel gebruik van röntgenfoto’s om diagnoses te stellen. Van de buitenkant zijn sommige dingen gewoon niet goed te onderzoeken. Denk aan de organen in de buik, die je wel kan beluisteren en voelen, maar niet kan zien. Ook wervel kunnen we slechts voor een deel van de buitenkant voelen, maar als het pijn doet; wat dan? Is er een breuk of niet?

Met röntgenfoto’s kan je een ‘doorlichting’ maken van het dier. Dat houdt in dat je bepaalde zaken aan de binnenkant ook in beeld kan brengen. Helaas wordt het dan wel een 2D plaatje. Zoals een schaduw, maar dan met lichte en donkere plekken. Afhankelijk van de grootte, belijning, plaats en andere aspecten wordt dan beoordeeld of het normaal of abnormaal is.

Dit maakt ook gelijk de nadelen van röntgenfoto’s duidelijk: als organen of onderdelen achterelkaar liggen, kan je dan wel onderscheidt maken? Dat is lastig. Daarom is er soms ‘geavanceerde beeldvorming’ nodig.
Met een MRI kan men bijvoorbeeld heel goed neurologische structuren, zoals de hersenen, in beeld brengen. Met een CT-scan weer heel goed alle kleine en grote botten.

Toch is een röntgenfoto vaak de eerste stap. Dit is makkelijk en minder kostbaar. Vaak kan een dier zonder narcose op de foto.

Mocht uw dier baat hebben bij andere onderzoeken, dan zullen de dierenartsen dit uitgebreid met u bespreken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *